Kamp mikt al dit najaar op offshore windpark zonder subsidie

Anholt Offshore Wind Farm, via Dong

Update: Demissionair minister Kamp van Economische Zaken (EZ) richt de aanbestedingsprocedure voor het Windpark Hollandse Kust Zuid zo in dat ontwikkelaars die dit energieproject zonder subsidie willen realiseren voorrang hebben.

Is subsidievrije windstroom al voor 2021 te forceren?

Update 28 juni 2017: De stap volgt op verrassend lage biedingen voor Zeeuwse offshore projecten in 2016 en subsidievrije biedingen in Duitsland eerder dit jaar. Belangrijk detail is dat Hollandse Kust Zuid al 2 à 3 jaar eerder dan de Duitse doorbraakprojecten operationeel moet zijn.

“Drie jaar geleden was de verwachting dat voor de vijf windparken voor de Zeeuwse en Hollandse kust maximaal € 18 mrd subsidie nodig zou zijn”, zegt Kamp. Gezien de tenders voor Windpark Borssele zijn deze kosten al ruimschoots gehalveerd. “En het is de verwachting dat zij nog verder zullen dalen”, zegt Kamp. Daarom krijgen partijen als Dong, Innogy, Shell en Eneco nu de kans om zonder subsidie de concurrentie met elkaar aan te gaan in volgende tenders.

Wat als meer bieders subsidievrij willen bouwen?

De criteria waarop Kamp de winnaar selecteert indien meer dan één partij bereid is het windpark subsidievrij te realiseren, zijn uit het het bericht van de minister niet op te maken. In EenVandaag noemt hij kwaliteitscriteria als impact op het zeeleven. Mogelijk loont het voor partijen om ook de kosten voor de infrastructuur die de windstroom aan land brengt op zich te nemen. Die kabels en transformator legt netbeheerder Tennet aan, tegen ongeveer € 0,01 per kilowattuur. Die kosten, in totaal € 4 mrd voor de vijf windparken samen, zijn in principe nog voor de schatkist.

Ondanks de jubelstemming die nu in de duurzame hoek heerst, is de kans dat er bij deze tender toch nog een beetje geld bij moet zeer reëel. Al is het maar in de vorm van een garantieprijs op (of onder) de jaargemiddelde groothandelsprijs. In deze markt zijn financiële zekerheden essentieel en een windpark dat van 2021 tot 2036 moet draaien kent hele andere kostenstructuur en opbrengstverwachting als eenzelfde project dat van 2025 tot en met 2045 mag leveren.

Als geen enkele ontwikkelaar bereid is de elektriciteit uit het windpark tegen marktprijs te verkopen, dient de oorspronkelijke aanbestedingsprocedure (met subsidie) als back-up. Het windpark moet er op basis van afspraken uit het Energieakkoord hoe dan ook komen.

Hieronder een eerder bericht van 20 mei 2017 over de tender Hollandse Kust.


EZ vereffent pad voor subsidievrij windpark Hollandse kust

Het Ministerie van Economische Zaken (EZ) neemt extra tijd om de aanbesteding voor de volgende drie offshore windparken voor de Nederlandse kust optimaal in te richten. Dit na de prijsdoorbraak voor offshore wind in Duitsland.

Wind op zee draait top, zonder subsidie

De Nederlandse aanpak voor wind op zee gaat uit van een veiling: Wie de de laagste prijs per kilowattuur biedt, mag het windpark bouwen en krijgt 15 jaar lang gegarandeerd deze geboden prijs voor elke geleverde kilowattuur.

De Nederlandse overheid vult het verschil tussen de marktprijs voor elektriciteit en de garantieprijs aan. Voor het windpark Borssele 1 & 2, dat Dong bouwt, gaat het bijvoorbeeld om 7,27 eurocent per kilowattuur. Voor het tweede deel van windpark Borssele, gewonnen door Shell en Eneco, is de garantieprijs 5,45 ct. per kilowattuur.

Het ministerie van EZ houdt voor het offshore windpark Hollandse Kust Zuid rekening met biedingen die nog lager liggen dan die voor windpark Borssele. Concurrerende biedingen die even laag (namelijk subsidievrij) zijn, zijn niet meer uit te sluiten. EZ  herziet daarom de aanbestedingsvoorwaarden, schrijft Energeia.

Gok op variabele marktprijs in plaats van vaste subsidieprijs

De herziening volgt op een doorbraak in Duitsland. In april 2017 wonnen de energiebedrijven EnBW (Duits) en Dong (Deens) daar het recht om drie windparken aan de Duitse kust te bouwen. In plaats van een gesubsidieerde garantieprijs, kozen Dong en EnBW er (individueel) voor de elektriciteit uit deze windparken tegen marktprijs te verkopen. De Duitse overheid betaalt de aanleg van de infrastructuur om de windstroom vanaf zee naar land te brengen. Verder zijn deze windparken subsidievrij.

In Nederland is de netaansluiting eveneens gesocialiseerd. Het is goed denkbaar dat nieuwe offshore windparken – afgezien van deze ‘kabelsubsidie’ – ook tegen commerciële elektriciteitsprijzen leveren. Of dat al bij de tender voor Hollandse Kust Zuid lukt, zal er om spannen. Dit windpark moet 2 à 3 jaar eerder in bedrijf zijn dan de drie Duitse windparken. In deze razendsnel schalende sector een wereld van verschil.

Aan de andere kant komen de Nederlandse windparken dichter bij de kust, wat de investering ten opzichte van de Duitse doorbraak weer kan drukken. Hoe dan ook, het is verstandig en bemoedigend dat EZ in ieder geval rekening houdt met een bieding tegen marktprijs. Na de door Dong gewonnen eerste tender voor windpark Borssele herzag het ministerie de aanbestedingsregels ook al. Toen omdat Dong zijn baanbrekende bod via liefst 21 ‘dochterbedrijfjes’ slim had zekergesteld.

Bron:  Energeia, FD / Imagecredit: Dong

You may also like...

  • Lomito

    Het gesubsidieerd aan land brengen van windstroom is een gigantische kostenpost die per windpark in de orde van 4.000 miljoen euro loopt waarmee de steeds vaker waardeloze windstroom zwaar drukt op de energierekening van consumenten.

    • Het aan land brengen van de elektriciteit is inderdaad een significante kostenpost. De door u genoemde € 4 mrd kan ik echter niet direct plaatsen. Heb u daar een bron bij?

      Bij windpark Borssele 1 & 2 komt de ‘kabelsubsidie’ neer op 1,4 ct. per geleverde kilowattuur. Niet niets. Wel prima betaalbaar.

  • Laat de 1 miljoen leden van de FNV zo’n windpark bouwen, voor eigen gebruik.
    Elk huishouden een kavel voor eigen gebruik

WattisDuurzaam gebruikt cookies (en diensten die cookies plaatsen) om de site te verbeteren.