CO2-prijs en groengasplicht aardgas werpen schaduw al vooruit
Energieleveranciers mogen de prijs voor levering van aardgas in vaste contracten niet bijstellen als de inkoopkosten voor de fossiele brandstof oplopen door toekomstige emissiehandel en/of het verplicht bijmengen van groen gas.
Dat heeft de Autoriteit Consument en Markt (ACM) bevestigd. Leveranciers die dergelijke voorwaarden in vaste contracten voor aardgas hadden opgenomen, moeten deze schrappen.
“Een vast contract moet zekerheid bieden over de prijs die je gedurende de hele looptijd van het contract betaalt”, zegt Manon Leijten, bestuurslid van de ACM. “Daarom moet een vast contract ook echt een vast contract zijn. Leveranciers mogen de vaste contracten dus niet zomaar aanpassen als de bijmengverplichting voor groen gas of de regels voor ETS-2 in gaan.”
Prikkels voor duurzamer en minder gasverbruik
Vanaf 1 januari 2027 moeten leveranciers van aardgas jaarlijks een minimaal percentage hernieuwbaar groen gas bijmengen in het fossiele aardgas dat zij aan huishoudens en andere kleinverbruikers verkopen. De wet is nog niet door beide kamers maar de inzet is dat het verplichte bijmengpercentage in 2027 start op 4% en oploopt tot 20% in 2031.
Het huidige aandeel groen gas in Nederland is ongeveer 4% van het aardgasverbruik. Certificaten die de productie en inkoop van groen gas aantonen vertegenwoordigen echter nu ook al een waarde. Als meer leveranciers verplicht zijn hun bijmenging aan te tonen, loopt de prijs van de certificaten waarschijnlijk op. Voor de komende jaren is het maar zeer de vraag of nieuwe projecten voor de productie van groen gas de oplopende bijmengverplichting kunnen bijbenen.
Een jaar later, op 1 januari 2028, gaat het Europese emissiehandelssysteem ETS-2 in. Vanaf dan moeten leveranciers van aardgas CO2-rechten kopen voor de CO2-uitstoot van hun klanten. Er is per jaar een dalend aantal rechten beschikbaar, zodat de ruimte voor huishoudens om aardgas te verstoken jaar op jaar daalt.
Als het aardgasverbruik daalt, is ook weer minder groen gas nodig om het verplichte bijmengpercentage te halen.
Concurreren op prijsstrategie, op een gelijk speelveld
Zowel de groengascertificaten als de CO2-rechten zijn schaars en vertegenwoordigen een waarde. Hoeveel een groengascertificaat of CO2-recht in 2028 of 2029 kost, is echter nog lastig in te schatten.
Niet gek dus dat leveranciers probeerden om dit risico te verleggen naar afnemers. En des te belangrijker dat de ACM de spelregels nog eens duidelijk maakt. Extra kosten gerelateerd aan de bijmengverplichting en ETS-2 moeten alle leveranciers zelf inschatten en zelf inprijzen of hedgen in de vaste contracten met een looptijd voorbij 1 januari 2027 of 1 januari 2028.
Net zoals zij dat al sinds 2005 moeten doen voor de CO2-rechten voor elektriciteitsproductie. En net zoals voor de marktprijs van aardgas zelf, die door geopolitiek en oorlogen de laatste jaren hevig fluctueert. Hoe energieleveranciers omgaan met de onzekerheid van prijzen in de toekomst, is onderdeel van de concurrentiestrijd op de markt voor vaste energiecontracten.
Een leverancier die zich overdreven sterk indekt tegen stijgende kosten, prijst zich uit de markt. Een leverancier die gokt op lagere prijzen in de toekomst, ziet zijn winstmarge verdampen als de prijsontwikkeling tegenzit.
Tussentijds bijstellen van contracten mag alleen bij wijzigingen in netbeheerkosten, energiebelasting of BTW. Op dit type wijzigingen kunnen en mogen concurrerende energieleveranciers tenslotte geen verschil maken.
Uitstellen van duurzaamheidsbeleid heeft geen zin
Populisten zullen de komende maanden oproepen om de bijmengverplichting en ETS-2 uit te stellen of af te zwakken. Zij zullen benadrukken dat de regelingen de kosten voor consumenten opdrijven. Dat klopt. Het is de bedoeling. Voor onze energiezekerheid en voor het beperken van klimaatverandering is het cruciaal dat ons verbruik van geïmporteerd aardgas afneemt. Duurder maken van het verbruik van aardgas is de logische prikkel om het verbruik van aardgas te verminderen.
Natuurlijk is niet elk huishouden direct in staat om zelf in verduurzaming te investeren. Natuurlijk is niet iedereen in staat om een hogere energierekening dragen. Voor die situaties is gericht beleid nodig, bijvoorbeeld om verduurzaming door verhuurders af te dwingen. En misschien om specifieke huishoudens te compenseren tot ze aardgasvrij kunnen leven.
Het overgrote deel van Nederland leeft echter niet in armoede en verbruikt wel meer aardgas dan verstandig. Investeren in isolatie, ventilatie en warmtepompen of warmtenetten is voor hen de weg vooruit.
Uitstellen van verstandig energiebeleid helpt je misschien bij de volgende verkiezingen maar maakt Nederland niet weerbaarder tegen een volgende energiecrisis. En ook daarom is het goed dat de ACM heeft bevestigd dat energieleveranciers vaste contracten niet mogen bijstellen na invoering van de nieuwe duurzaamheidsprikkels.
Het toont dat dit beleid zijn schaduw noodzakelijkerwijs al vooruit heeft geworpen. De voorziene meerkosten van het beleid zijn al ingeprijsd in lopende contracten. Huishoudens met lopende vaste contracten, zijn dus niet goedkoper uit als de politiek kiest om energie- en klimaatbeleid opnieuw uit te stellen of af te zwakken.
Als de bijmengverplichting toch niet doorgaat, of ETS-2 nog eens een jaar later ingaat, hoeven leveranciers de bespaarde kosten niet terug te geven aan hun klanten. Ook voor leveranciers is een vast contract tenslotte een vast contract.
Bron: ACM / Imagecredit: Henning Wiekhorst, via Unsplash Public Domain
Ontdek meer van WattisDuurzaam.nl
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Goed verwoord. Helemaal mee eens.