Constructieve kijk netbeheerder Stedin op waterstof in de woning

Peter Hall, via Unsplash Public Domain

De strategieafdeling van netbeheerder Stedin heeft een working paper gepubliceerd met daarin Stedin’s huidige visie op de toepassing van waterstof in de gebouwde omgeving. Een document dat ik van harte aanbeveel aan iedereen met een huis. 

Van aardgas naar duurzame warmte

In 2030 zullen 1,5 miljoen woningen geen aardgas meer verbruiken voor verwarming, douche en fornuis. In 2050 moet de hele gebouwde omgeving het zonder aardgas rooien. Hoe pakken we dat aan. En in welk tempo?

In veel wijken en woningtypes ligt een warmtepomp of warmtenet voor de hand. In veel andere wijken is verduurzamen complexer. Juist voor die wijken wordt waterstof vaak op het schild gehesen. Door ‘simpelweg’ de bestaande gasleiding te vullen met waterstof en een waterstofketel te plaatsen zijn dan ook moeilijk te isoleren gebouwen in één klap van aardgas af.

Stedin is netbeheerder voor gas en elektra in grote delen van de Randstad. De keuzes die gemeenten maken in de warmtetransitie raken direct aan het werk van Stedin. “We zien felle voor- en tegenstanders van bepaalde technologieën en routes”, schrijft Henri Bontenbal, strateeg bij Stedin, in een blog. “We zien ook een grote groep beleidsmakers en burgers voor wie er nog heel veel onduidelijk is en die behoefte hebben aan meer nuance en informatie.”


Welke rol krijgt waterstof in de warmtetransitie?

Stedin pioniert zelf al enkele jaren met waterstof, met pilots op Ameland, in Rotterdam en Delft en binnenkort waarschijnlijk in Stad aan ‘t Haringvliet. Op basis van die ervaringen, een berg rapporten en gesprekken met experts schreef Bontenbal met zijn strategiecollega’s een visie op waterstoftoepassingen in woningen en gebouwen (directe link).

“We hebben ons verhaal bewust een working paper genoemd”, schrijft Bontenbal. “We willen niet claimen de waarheid in pacht te hebben. We nodigen u dus uit te reageren op ons verhaal.”

Op die uitnodiging ga ik hieronder graag in.


De opzet, hoofdlijn en conclusies

De paper, 15 pagina’s lang, is een prettig leesbaar stuk. In voldoende detail werkt het stuk toe naar conclusies, standpunten en aanbevelingen die ik goed kan volgen en die ik vrijwel volledig onderschrijf. De hoofdpunten en mijn reactie:

  • Waterstof speelt tot 2030 naar verwachting geen significante rol in de gebouwde omgeving. Het aanbod van duurzame waterstof is voorlopig beperkt en ‘de beschikbare waterstof wordt eerst gebruikt in andere sectoren, zoals de industrie, zwaar transport en elektriciteitsvoorziening.’ Deze conclusie valt nagenoeg samen met mijn ‘Waterstofladder‘.
  • Realiseer warmtenetten en warmtepompen waar het nu kan. Net als Stedin ben ik van mening dat gemeenten, zolang de waterstofroute nog vaagjes boven de markt hangt, zeker niet moeten aarzelen in de warmtetransitie. Er zijn in Nederland sowieso 1,5 miljoen woningen te vinden waar een gasvrije oplossing hoe dan ook de beste oplossing is. Ga daar nu vol aan de bak met isolatie, warmtenetten en elektrificatie.
  • Wel oefenen met waterstof. In 2030 weten we beter wat waterstof voor de overige ±6,5 miljoen huishoudens kan betekenen. Stedin meent dat voor 40% van de klanten in haar verzorgingsgebied gebruik van duurzame gassen uiteindelijk wenselijk kan zijn. Ook als dat in 2030 landelijk slechts 3% blijkt, gaat het alsnog om honderdduizenden woningen. Tijdig testen van vergunningsprocedures, normen en techniek in praktijksituaties is hoe dan ook noodzakelijk.

Wat nog iets scherper kan

Om gemeenten, woningcorporaties en individuele huiseigenaren die waterstofwarmte overwegen nog meer van dienst te zijn, adviseer ik Stedin te overwegen om de onderstaande punten in de volgende editie van deze working paper mee te nemen.

  • Groene waterstof is voorlopig beroerder dan aardgas. Zolang er nog onvoldoende groene stroom is om de reguliere elektriciteitsprijs te dekken, wordt groene waterstof effectief hoofdzakelijk gemaakt uit aardgas. Vanwege energieverliezen in de productie van waterstof uit elektriciteit, verbruikt een waterstofketel op groene waterstof voorlopig 3x zoveel aardgas als een ordinaire gasketel. Importeren van groene waterstof kent hetzelfde probleem.
  • Blauwe waterstof helpt qua CO2 maar niet qua gasverbruik. Blauwe waterstof (geproduceerd uit aardgas met CO2-opslag) helpt wel al direct voor het klimaat. Voor de gebouwde omgeving echter pas echt nadat eerst de industrie over is op blauwe waterstof. Vanwege de energieverliezen in het productieproces van blauwe waterstof, verbruikt een waterstofketel op blauwe waterstof effectief ±40% meer aardgas dan een gewone ketel op aardgas.
  • Ook bij waterstof is er uiteindelijk een gedwongen overstap. Het lijkt mogelijk om de aardgasinfrastructuur opnieuw te gebruiken voor de distributie van waterstof. Het is echter niet mogelijk om door dezelfde leidingen tegelijk (puur) aardgas en (pure) waterstof te leveren. Er blijft altijd een ingreep achter de voordeur nodig. Die ingrepen moeten in de hele wijk gesynchroniseerd plaatsvinden. ‘Aardgasklevers’ kunnen dus ook de overstap naar waterstof flink dwarsbomen.
  • ‘Gasketel eruit, waterstofketel erin’ is in elk scenario onverstandig. CO2-vrije waterstof zal ook na 2030 vrijwel zeker duurder zijn dan aardgas nu is. Wie wacht op waterstof, heeft sowieso baat bij isolatie. Dat scheelt de komende 10 jaar hoe dan ook in de aardgasrekening en – als de waterstof eindelijk door de leiding stroomt – in de waterstofrekening. Stedin geeft terecht aan dat, waar een warmtepomp voor de piek niet voldoet, een hybride opstelling met ketel en warmtepomp uitkomst kan bieden. Daarmee kunnen veel meer huishoudens het voorlopig schaarse biogas of waterstof benutten, juist op de dagen dat het telt.

Handel de komende 10 jaar alsof waterstof niet bestaat

Succes in productie bepaalt alles

Samengevat is mijn advies aan iedereen die professioneel betrokken is bij de warmtetransitie: Probeer waterstof te negeren. De basis voor welk succes dan ook met waterstof is schaalbare, duurzame en betaalbare productie.

Daar is voorlopig geen sprake van. Voorlopig is iedereen met een woning waar een warmtepomp of warmtenet echt nog niet voldoet, beter af met de ketel op aardgas die hij al heeft. Qua kosten, qua klimaat en qua rompslomp gaat niemand de komende jaren iets vooruit met warmte uit waterstof. Laat de pioniers zoals Stedin maar pionieren. Vertrouw erop dat waterstof verbruiken in woningen kan zo snel waterstof verbruiken in woningen voor het klimaatbeleid relevant is.

Imagecrecit: Peter Hall, via Unsplash Public Domain

Dit vind je misschien ook leuk...