Column: Laat innovatie geen politieke vluchtheuvel zijn

Iswanto Arif, via Unsplash Public Domain

Deze column verscheen eerder in het februarinummer van technologietijdschrift De Ingenieur.


Nog enkele weken en we mogen naar de stembus. De pandemie en de toeslagenaffaire zullen deze verkiezingen de campagne en debatten domineren. Corona zowel qua vorm als qua inhoud. Als deze kwesties niet met stip waren binnengekomen als belangrijkste politieke thema’s dan had de energietransitie hoge ogen gegooid. Ook de energietransitie zal een flinke stempel drukken op de regeringstermijn van het nieuw te verkiezen kabinet. Het is van belang dat klimaatbeleid in de debatten alsnog de aandacht krijgt die bij deze uitdaging past.

Als verrassing voor velen en als groenste kabinet ooit ging Rutte III in 2017 voor 49% CO2-reductie in 2030. Met het klimaatakkoord van 2019 zijn daartoe de lijnen uitgezet. Gezien de peilingen en partijprogramma’s zal het nieuwe kabinet opnieuw het groenste ooit willen zijn. Voor alle denkbare coalities is 49% CO2-reductie nu de ondergrens. Een nog scherpere ambitie voor 2030 ligt meer voor de hand.

Tegelijkertijd hebben de huidige coalitie en oppositie het inlossen van alleen al die ondergrens aanmerkelijk moeilijker gemaakt. Biomassa is afgeserveerd, CO2-opslag sterk ingeperkt, de veestapel en de luchtvaart zijn ongemoeid gebleven. Aanbestedingen voor kerncentrales zijn niet opgestart. Aanbestedingen voor nieuw asfalt wel. Kiezers zijn eensgezind in hun weerstand tegen lokale wind- en zonneparken en krijgen daarbij bijval van vrijwel alle partijen. Dezelfde kiezers trappen op de rem bij het het aardgasvrij maken van hun woonwijken, eveneens met politieke bijval. Wind op zee en zon op dak – de enige opties die nog brede steun genieten – schieten sowieso tekort om de beoogde 49% te halen.


De politiek kan klimaatdoelstellingen voor 2030 niet inlossen met technologie die voor 2030 niet marktrijp is.


In debat zullen partijen kortom kleur moeten bekennen. Welke impopulaire maatregel zien zij bij nader inzien toch als noodzakelijk? Reken erop dat lijsttrekkers deze vraag koste wat kost zullen ontwijken. In lastige debatten over energie en klimaat bleek innovatie in het verleden een fijne vluchtheuvel. In de wetenschap dat kiezers geen zin hebben in windparken steek je een bevlogen verhaal af over getijdenturbines, smart grids of osmose-energie. ‘Innovaties waarmee onze universiteiten samen met het Nederlandse bedrijfsleven wereldwijd vooroplopen. Technologie die enorme exportkansen biedt’.

Elke politieke opponent beaamt het belang van innovatie en exportkansen volmondig. Vanzelfsprekend, niemand is tegen innovatie. Puntje voor jou. Zonder dat je ook maar een beetje concreet hoeft te worden over de heikele kwestie van extra windparken. Dit verkiezingsjaar dienen aquathermie, metaalpoeder en groene waterstof vrijwel zeker als politieke vluchtheuvel. Ook small modular reactors (mini-kerncentrales) en hergebruik van CO2 kun je opnemen op de bingokaart.

Niets ten nadele van deze innovaties overigens. Eenmaal bewezen zijn ze van waarde voor klimaatbeleid. Tot die tijd vallen ze in het domein van ingenieurs en innovatiebeleid. De politiek kan klimaatdoelstellingen voor 2030 niet inlossen met technologie die voor 2030 niet marktrijp is. Op alle debaters, debatleiders en politiek actieve ingenieurs rust daarom een eenvoudige doch zware taak. Roep elkaar tot vervelens toe tot de orde: ’Bedankt voor dit prachtige vergezicht. Maar wat gaan we tot 2030 dan doen?’

Nederland in debat over klimaat en energie

Wil je je inlezen voor de verkiezingsdebatten en uiteindelijk voor je eigen stem? Op deze pagina geef ik een overzicht van de heikele energiekwesties die deze verkiezingsperiode aan bod komen. Geen stemwijzer, wel een hoop achtergronden en context bij veel gehoorde bezwaren en argumenten. Klimaat, energie, duurzaamheid en de Tweede Kamerverkiezingen 2021.


Imagecredit: Iswanto Arif, via Unsplash Public Domain

Thijs ten Brinck

Dit vind je misschien ook leuk...