Europees Parlement draait de klok terug voor groene waterstof

Jon Tyson, via Unsplash Public Domain

Het Europees Parlement heeft gisteren een amendement op het Europese Renewable Energy Directive II (RED II) aangenomen dat de directe koppeling tussen groene stroom en groene waterstof grotendeels opheft. 

Balans per maand in plaats van per uur

In de eerdere versie van de Europese richtlijn RED II stonden scherpe voorwaarden om te borgen dat de productie van waterstof in elektrolysers niet indirect extra CO2-uitstoot veroorzaakt.

Een producent van waterstof moest op uurbasis aantonen dat de elektriciteit die hij gebruikte voor de productie van groene waterstof ook in hetzelfde uur duurzaam opgewekt was. Ook moest de elektriciteit opgewekt zijn door een energieproject dat ten dienste van de elektrolyser gerealiseerd is. Onder meer na dreigementen vanuit de waterstoflobby dat ontwikkelaars van elektrolyseprojecten massaal naar de Verenigde Staten zouden vertrekken, heeft een krappe meerderheid van het Europees Parlement de Renewable Energy Directive II ten aanzien van groene waterstof nu sterk afgezwakt. De nieuwe tekst luidt:

“De balans tussen de hernieuwbare elektriciteit die via één of meer stroomafnameovereenkomsten is aangekocht en de hoeveelheid elektriciteit die wordt afgenomen van het net om de brandstof te produceren, moet op kwartaalbasis worden bereikt opdat de productie volledig als hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong wordt aangemerkt.”


Veel meer ‘groene’ waterstof uit dezelfde elektrolyser

De hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong is hier dus groene waterstof. Producenten van waterstof kunnen een elektrolyser nu veel meer uren per jaar benutten dan een wind- of zonnepark elektriciteit levert, en mogen de waterstof alsnog groen noemen. De betere benuttingsgraad maakt investeren in elektrolyse aantrekkelijker maar is niet zonder risico’s.

Het resultaat in de praktijk is dat een deel van de waterstof dankzij de extra elektrolyser-draaiuren met elektriciteit uit kolen- en gascentrales geproduceerd wordt. Dat zal het imago van waterstof uiteindelijk geen goed doen. Een drama zoals de biomassasector heeft meegemaakt toen de publieke opinie keerde, ligt ook voor waterstof nog steeds op de loer.


Bron: Europees Parlement / Imagecredit: Jon Tyson, via Unsplash Public Domain

Thijs ten Brinck

Dit vind je misschien ook leuk...

3 reacties

  1. Erjen Jongepier schreef:

    ik snap je probleem niet: er is toch balans tussen duurzaam opgewekte E en door de P2G verbruikte E? alleen niet momentaan maar over een langere periode. gewoon een GvO constructie dus. je conclusie lijkt me dan ook niet correct: er wordt op kwartaalbalans geen extra niet-groene E verbruikt.

    • R Baars schreef:

      Het gaat om imago. Als je weet dat het niet waait en de zon niet schijnt, maar wel 24/7 waterstof wordt gemaakt, kan dat wantrouwend werken (greenwashing!) naar de waterstofmarkt.

      Dit amendement helpt natuurlijk erg voor de businesscase van elektrolysers die het liefst volcontinue draaien, dus ik denk dat het bevorderend werkt voor opschaling van productie; iets dat hard nodig is.

  2. Carel Wreesmann schreef:

    Groene waterstof is mooi, maar zal altijd relatief duur blijven. Ik ben het eens met de auteur eens, dat de huidige waterstof hype best wat getemperd mag worden. Wat dat betreft is het goed dat vanwege de hoge prijs van aardgas, de optie van blauwe waterstof (voorlopig) uit beeld is geraakt. En helemaal het idee van blauwe waterstof aan te leveren door Gazprom. Ik pleit voor meer aandacht voor elektrificatie.

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.