Europa behoedt Nederland voor flater met subsidie op waterstof

Caleb Woods, via Unsplash Public Domain

De Nederlandse politiek, het bedrijfsleven en milieuorganisaties willen supergraag koploper worden op het vlak van groene waterstof. Zo graag dat Nederland per ongeluk bijna een subsidie op kolen- en gascentrales had ingevoerd. 

Terug naar de tekentafel

Volgens de beoogde subsidieregeling (SDE++) zouden Nederlandse bedrijven die elektriciteit gebruiken om waterstof te maken maximaal 2.000 uur per jaar gesubsidieerd waterstof mogen produceren.

Gelukkig doorzag de Europese Commissie dat er in Nederland veel te weinig wind- en zonneparken staan om de elektrolysers 2.000 uur per jaar uitsluitend met groene stroom te voeden. In de praktijk zouden de gesubsidieerde waterstoffabrieken nog jarenlang vooral een beroep doen op kolen- en gascentrales om de elektriciteit voor de waterstofproductie te leveren.

Via de inkoop van grijze elektriciteit door de waterstoffabrieken zou de klimaatsubsidie dus terechtkomen bij de kolen- en gascentrales. Een subsidie die bedoeld was om CO2-uitstoot te beperken, zou zo juist extra CO2-uitstoot veroorzaken. Platter gezegd: Fossiele stroom omkatten tot groene waterstof. Met staatssteun.


Het gaat niet om kinderachtige volumes CO2

Volgens het klimaatakkoord streeft Nederland naar 3 à 4 gigawatt elektrolyse in 2030. De subsidie in kwestie zou aan dat doel bijdragen. Als een elektrolyser van 3 gigawatt 2.000 uur per jaar gesubsidieerd op elektriciteit uit voornamelijk gas- en kolencentrales draait, loopt de extra CO2-uitstoot in die gas- en kolencentrales op tot ruim 3 megaton.

Als de exploitanten naast de 2.000 uren met staatssteun jaarlijks voor eigen rekening nog eens 2.000 uur extra draaien (niet ondenkbaar, nu de fabriek er toch al staat) dan loopt de CO2-uitstoot als gevolg van de subsidie op tot boven de 6 megaton. Mocht de vraag naar waterstof later dermate hoog oplopen dat de fabriek 8.760 uur per jaar voluit kan draaien dan loopt de uitstoot zelfs op tot 14 megaton. Toevallig juist het aantal megatonnen CO2-uitstoot dat de Nederlandse industrie voor 2030 moet reduceren. Extreem veel extra uitstoot kortom, dankzij klimaatsubsidies.

Tot ruim 14 megaton extra CO2-uitstoot

In een wereld die niet door groene koploperdrang bevangen was, zou de milieubeweging Europa bedanken voor het afwijzen van deze maffe subsidie. Maar Nederland is wél bevangen door koploperdrang.

In het FD stelde Faiza Oulahsen van Greenpeace zelfs voor dat Nederland de Brusselse regels zou kunnen omzeilen door de beoogde subsidie te hernoemen tot innovatiesubsidie. Echt? Greenpeace wil sjoemelen voor megatonnen extra CO2?


De route naar groene waterstof loopt noodgedwongen via extra uitstoot

Waarom juist de Nederlandse staat, de Nederlandse energiesector en de Nederlandse milieubeweging koste wat kost aan de groene waterstof willen, is voer voor een analyse op zich. Voor nu ga ik er in mee dat het inderdaad wenselijk is dat Nederland investeert in elektrolyse. Met Oulahsen ben ik het zelfs eens dat een innovatiesubsidie een goede optie is.

Niet om te sjoemelen maar juist om helderheid te scheppen. Groene waterstof is niet klaar voor een exploitatiesubsidie zoals de SDE++. Het is nog veel te vroeg om elektrolyse te subsidiëren als een technologie die concurreert met windturbines, zonnepanelen, warmtepompen en CO2-opslag. Innovatie is nodig om elektrolyse op dat niveau te krijgen. Subsidie is nodig om die innovatie aan te jagen.

En het belangrijkste; Enorme investeringen in hernieuwbare elektriciteit zijn nodig om groene waterstof überhaupt mogelijk te maken. Die investeringen kosten inherent jaren, waarop groene waterstof noodgedwongen moet wachten. Politici, lobbyisten en de milieubeweging houden de schijn op dat groene waterstof nu direct nodig is, en ook direct resultaat zal boeken. Dat kan niet, 100% zeker niet. Het is goed dat de Europese Commissie Nederland dwingt om te erkennen dat groene waterstof voorlopig geen bijdrage levert aan klimaatdoelen maar juist extra CO2 uitpuft.

Even weer met beide benen op de grond. Even heroverwegen of 3 à 4 gigawatt elektrolyse in 2030 dan wel zo’n goed doel is. En dan afhankelijk van die heroverweging besluiten wat wél een passende subsidievorm is om te borgen dat we later deze eeuw over echt groene waterstof kunnen beschikken. Dat de ontwikkeling van elektrolyse resulteert in extra CO2-uitstoot is geen ramp. Verzwijg het alleen niet. Als de ontwikkeling van elektrolyse voor Nederland de moeite waard is, dan is het ook de moeite waard om het Nederlandse publiek uit te leggen wat op korte termijn de bezwaren zijn.

Bedankt voor de voorzet, Europa.


Imagecredit: Caleb Woods, via Unsplash Public Domain

Dit vind je misschien ook leuk...