Hoera! 259 elektrische lijnbussen uit China en het is geen nieuws

DKMcLaren, via Wikimedia Creative Commons

Volgend jaar december rijden de lijnbussen in grote delen van Overijssel, Gelderland en Flevoland elektrisch. De Franse busvervoerder Keolis gaat op de concessie ‘IJssel-Vecht’ rijden met ruim 300 elektrische bussen. 

Een bus op accu is de gewoonste zaak van de wereld

Vrijdag 6 december maakte Keolis bekend dat het 259 van die bussen heeft besteld bij het Chinese BYD, voor levering vanaf de zomer van 2020. Volgens het persbericht gaat het om de grootste order voor elektrische bussen tot nu toe in Europa. Ik zie geen reden daar aan te twijfelen.

In Nederland rijden zo’n 6.500 lijnbussen. Een order voor 259 bussen is een klapper, ongeacht de aandrijving. Met een looptijd van 10 jaar en een totale contractwaarde van ruwweg € 900 mln gaat het ook om serieus geld. Bovendien is het de eerste keer dat drie grote provinciale opdrachtgevers samen een concessie voor het openbaar vervoer op de markt hebben gezet. En dan is het in deze tijden van handelsoorlogen en zorgen over inmenging in infrastructuur (5G) ook nog een Chinese partij die met deze order aan de haal gaat. Haakjes te over voor de grote journaals en landelijke kranten, zou je denken.

Toch is het bericht vrij lauwtjes ontvangen. Landelijk publiceerden alleen Nu.nl en het FD over de grote order. Alleen het FD maakt een punt van de Chinafactor. Ook de duurzame blogs maken vooralsnog geen melding van de 259 duurzame bussen. Alleen lokale media uit de concessieprovincies en specifieke OV-sites pikten het nieuws collectief mee.


Duurzame doorbraak in openbaar vervoer went razendsnel

Nog geen vijf jaar geleden werd er nog lacherig gedaan over de eerste bussen op accu. ‘Die haalt toch nooit het einde van de werkdag. En wat moet dat wel niet kosten’. Toen drie jaar geleden werd vastgesteld dat vanaf 2025 alle nieuwe bussen in het openbaar vervoer emissievrij moesten zijn, was dat nog echt een ambitieus doel. Of dat überhaupt haalbaar was, en of het dan vooral op accu’s of op waterstof moest was toen nog anyone’s guess.

Inmiddels is een elektrische bus voor de meeste forensen gewoon een bus. In oktober 2019 kwam de 500e emissievrije bus in gebruik. Daarmee is nu grofweg 1 op de 10 Nederlandse bussen elektrisch aangedreven. In de Chinese miljoenenstad Shenzhen is de elektrische bus nog meer gemeengoed. Deze stad heeft 16.000 lijnbussen in gebruik (2,5x meer dan heel Nederland). Al die bussen rijden sinds 2018 elektrisch.


Een elektrische bus is volkomen logisch

Waterstofbus is nog wel groot nieuws

Dat de grote journaal- en krantenredacties niet meer in de ‘breaking news‘-modus schieten bij een recordorder van 259 elektrische bussen is dus te billijken. Het is absoluut topnieuws, echter geen verrassing.

Dat Zuid-Holland en Groningen 50 waterstofbussen gaan inzetten, is wel breed opgepikt door de landelijke kranten en nieuwssites. Dat 50 waterstofbussen eind 2021 groot nieuws is en 259 accubussen in 2020 niet, is geen goed nieuws voor de waterstofbus. Die komt te laat. Juist in het OV komt een batterij-elektrisch voertuig (BEV) optimaal tot zijn recht:

  • CO2-reductie en Luchtkwaliteit. Een conventionele stadsbus verstookt ongeveer een liter diesel per 3 kilometer, met alle CO2-uitstoot en andere schadelijke emissies die daar onvermijdelijk bij horen. Het merendeel van de lijnbussen rijdt in of nabij steden. Luchtkwaliteit en CO2-reductie is voor alle steden van belang. Emissievrij busvervoer is een van de meest directe stappen die een lokale overheid kan afdwingen.
  • Terugverdientijd. Personenauto’s rijden in Nederland gemiddeld 13.500 kilometer per jaar. Lijnbussen 75.500. De meer kilometers je maakt, de economisch aantrekkelijker een BEV is.
  • Optimale benutting accu. Hoewel een bus jaarlijks bijna 6 keer verder rijdt dan een gemiddelde auto, zijn alle ritten kort en voorspelbaar. De dienstregeling, accucapaciteit en laadinfra zijn daarmee integraal te optimaliseren.
  • Regeneratief remmen. Een stadsbus is vrij zwaar en rijdt in druk stadsverkeer van halte naar halte. Waar een dieselbus bij het remmen alle energie verliest, wint een accubus bij elke stop een deel van de energie weer terug. Stationair draaien bij halte of op busstations is ook niet aan de orde.
  • Stevige concurrentie. De kostendaling en technische ontwikkeling van de accu gaat gestaag door. De streekdienst die twee jaar geleden onmogelijk met enkel accu’s kon rijden, redt dat nu wel. Elke volgende aanbesteding kunnen en zullen de concurrerende OV-concerns meer accu-aangedreven bussen bieden.

Ga er dus vanuit dat in elke concessie die de komende jaren gegund wordt primair bussen op accu zal kennen. In 2025 zijn we dan al een heel eind op weg met de Nederlandse lijndienstvloot. En dat is volkomen logisch. Dus geen nieuws. Emissievrij openbaar vervoer in 2030 is een Nederlands klimaatdoel dat daadwerkelijk binnen handbereik is.

Dat mag weer wel in de krant.


Bron: Keolis / Imagecredit: DKMcLaren, via Wikimedia Creative Commons

Dit vind je misschien ook leuk...