Bestaand aardgasnet als buffer voor zomers groen gas

Werk aan het gasnet, via Enexis

In de zomer zakt het gasverbruik sterk in maar blijven mest- en biomassavergisters stug doorproduceren. Liander, Stedin en Enexis passen het gasnet aan om ook tijdens een hittegolf geen kuub groen gas te verspillen. 

Biogas is betrouwbaar, soms te betrouwbaar

Net als het elektriciteitsnet is ook het aardgasnet van oudsher een centraal geleid systeem. Vanuit de Groninger gasbel stroomt het gas al decennialang op hoge druk door het land, via gaandeweg steeds dunnere pijpen, tot aan de CV-ketel en het gasfornuis thuis.

Net als het elektriciteitsnet heeft ook het gasnet inmiddels te maken met groeiende decentrale productie. Waar de elektriciteitsmarkt zich moet aanpassen op weersafhankelijke bronnen als wind en zon, heeft het gasnet juist te maken met ‘te betrouwbare’ hernieuwbare energie. Weer of geen weer, de productie van groen gas draait volcontinu door. Daarom bouwen netbeheerders de bestaande netwerken langzaamaan om tot dynamische en op afstand bestuurbare gasbuffers.

Eenrichtingsverkeer in het gasnet

De beheerders van het gasnet zijn – nog meer dan elektriciteitsnetbeheerders – gewend aan eenrichtingsverkeer; elke stap dichter naar de consument is een stap naar lagere druk. Het hoofdtransportnet van Gasunie draait op 65 bar of 40 bar. Vanuit de pijpen van Gasunie stroomt het gas via gasontvangststations de netten van de regionale netbeheerders als Liander, Stedin en Enexis binnen. Die netten draaien op een veel lagere druk, meestal 8 bar.

Gas van hoge druk naar lage druk brengen, is simpel gezegd een kwestie van een ventieltje openzetten. Voor de tegenovergestelde richting zijn energievretende compressoren nodig. Die hebben de meeste gasontvangstations niet. Al het gas dat eenmaal op lage druk is aanbeland, ‘moet’ opgebruikt worden door ketels, fornuizen en andere aardgasverbruikers.

Van oudsher houden de netbeheerders de gasdruk in het netwerk constant, dicht bij het maximum waar de pijpen voor ontworpen zijn. In de winter garandeert de hoge druk dat er ook op de koudste winterdagen genoeg kubieke meters gas door de pijpen stromen om elke piek in gasverbruik op te vangen.

Dynamisch drukmanagement voor groen gas

Zomers, als het gasverbruik veel lager ligt, houdt het gasnet deze hoge druk vast. Dat was ten tijde van het uitrollen van het gasnet in de vorige eeuw de meest praktische oplossing; uitgaande van eenrichtingsverkeer maakt het niet uit of je het gas in de zomer nu in het gasnet in de woonwijk opslaat of nog een paar maanden langer in de Groninger gasbel laat zitten.

Die historisch logische onwerpkeuze remt nu de productie van groen gas. Vrijwel alle gft-, slib- en mestvergisters voeden in op het regionale gasnet en die groen-gasproductie is volcontinu. Op mooie zomernachten, als niemand onder de douche staat of een eitje bakt en al helemaal niemand de verwarming aan heeft, lopen deze lokale gasnetten snel vol.

De oplossing is relatief simpel: Netbeheerders bouwen gasontvangststations om zodat ze het ‘ventiel’ -en daarmee de gasdruk – op afstand controleren. Op lokale netten met decentrale gasproductie realiseren de beheerders zo een buffer in die de biogasvergister ’s nachts weer vullen. In Huissen maakt Liander zo bijvoorbeeld de uitbreiding van het project Groen Gas Gelderland mogelijk en ook op Texel digitaliseert Liander het gasnet.

Voor de eindverbruiker verandert er hierbij niets. De gasdruk thuis blijft ±0,03 bar, of de druk in het gasnet nu 8 of 5 bar is.

Extra buffercapaciteit dankzij aardgasmobiliteit

Ook colleganetbeheerders Stedin en Enexis voeren samen met Gasunie diverse pilots uit met dynamisch drukmanagement. Op andere locaties is drukmanagement niet voldoende. Daar produceren groen-gasleveranciers structureel meer hernieuwbaar gas dan de huishoudens en bedrijven in de directe omgeving verbruiken.

In Twente heeft Gasunie samen met Enexis een oude transportleiding omgebouwd tot biogasverzamelaar. Op deze leiding voeren straks meerdere boeren hun ruwe biogas in, om het op een centraal punt op te werken tot groen gas van aardgaskwaliteit. Vervolgens gaat het groen gas direct op hoge druk het transportnet van Gasunie in, zodat capaciteitsproblemen geen issue zijn.

Een andere oplossing is de koppeling met aardgasmobiliteit. Bussen en auto’s die rijden op compressed natural gas (CNG) tanken bij een druk van boven de 200 bar. Elk CNG-tankstation is daarom sowieso voorzien van compressoren en/of grote druktanks om tientallen snelle tankbeurten per dag te garanderen. Bij Amsterdam is een CNG-tankstation van Orange Gas uitgebreid met een extra voorraadtank om de nachtelijke opslag van groen gas mogelijk te maken.

Aardgasvrij maar zeker niet gasloos

Ondanks de politieke en maatschappelijke druk om aardgas uit de woonwijken te weren, blijft er een grote rol voor het uitgebreide Nederlandse gasnet. Zowel tijdens als na afloop van de energietransitie.

Duurzaam gas, of dat nu biogas, waterstof of synthetisch methaan is, is veel beter op te slaan dan elektriciteit uit windparken en zonnepanelen. Het gebruik van gas zal, dankzij isolatie, warmtepompen en inductiekookplaten, flink dalen maar het belang van een flexibele en stuurbare energiebron neemt dankzij de transitie alleen maar toe.

Bron: Alliander, Enexis / Imagecredit: Enexis / Video Gaswaardeketen: Gasterra

You may also like...

WattisDuurzaam gebruikt cookies (en diensten die cookies plaatsen) om de site te verbeteren.